Boven €75,- gratis verzending

Korenslang verzorging, week voor week

Een korenslang vraagt weinig tijd en veel regelmaat. Dit is wat er in een gewone week gebeurt.

Bekijk de korenslangen die nu klaarstaan
  • Voeren om de zeven tot veertien dagen
  • Water dagelijks controleren, wekelijks verversen
  • Temperatuur dagelijks aflezen op de bodem
  • Grote schoonmaak ongeveer een keer per maand
Korenslang in een ingericht terrarium
5 tot 14 dagen
tussen twee voerbeurten
28 tot 30 °C
warme kant
40 tot 60 %
luchtvochtigheid
1 x per maand
grote schoonmaakbeurt
De vaste waarden

Waar je op instelt

Warme kant overdag28 tot 30 graden
Koele kant overdag22 tot 24 graden
NachtMag zakken richting 20 graden
Luchtvochtigheid40 tot 60 procent
Tijdens de vervellingTijdelijk hoger, bied een vochtige schuilplaats
Jong dierElke 5 tot 7 dagen een passende prooi
Volwassen dierElke 10 tot 14 dagen
ThermostaatAltijd, op elke warmtebron
De routine

Wat je doet en wanneer

  1. 1
    Elke dag: kijken en meten

    Lees de temperatuur af, controleer het water en kijk of het dier normaal ligt en ademt.

  2. 2
    Elke week: water en spot

    Ververs het water, haal ontlasting eruit en veeg de plek eromheen schoon.

  3. 3
    Elke voerbeurt: noteren

    Schrijf datum en prooimaat op. Zo zie je een patroon zodra er iets verandert.

  4. 4
    Bij een vervelling: rust

    Zodra de ogen troebel worden, laat je het dier met rust en verhoog je de luchtvochtigheid.

  5. 5
    Elke maand: grote beurt

    Bodembedekking vervangen, inrichting schoonmaken en de thermostaat opnieuw controleren.

Let hierop

De fouten die het vaakst voorkomen

Warmtebron zonder thermostaat

Een thermostaat hoort standaard bij elke warmtebron en houdt de temperatuur op de ingestelde waarde.

Meten op de verkeerde plek

Meet op de bodem waar het dier ligt, want daar telt de temperatuur.

Hanteren vlak na het eten

Laat een dier na een maaltijd twee dagen met rust, anders geeft hij het voer terug.

Te grote prooi

Kies een prooi die ongeveer even breed is als het dikste deel van de slang.

Eén schuilplaats

Met twee schuilplaatsen vindt het dier aan beide kanten beschutting.

Losse bodembedekking bij het voeren

Voer op een tegel of in een aparte bak, dan blijft het substraat waar het hoort.

Veelgestelde vragen

Hoe vaak moet ik mijn korenslang voeren?

Een jong dier elke vijf tot zeven dagen, een volwassen dier elke tien tot veertien dagen. Kies een prooi die ongeveer even breed is als het dikste deel van de slang.

Hoe weet ik of de temperatuur klopt?

Meet op de bodem, aan de warme en aan de koele kant, en gebruik altijd een thermostaat op de warmtebron. Twee metingen per dag geven je snel een betrouwbaar beeld.

Mijn korenslang vervelt in stukjes, wat nu?

Dat wijst meestal op te droge lucht. Bied een vochtige schuilplaats aan en verhoog de luchtvochtigheid tijdens de vervelling. Blijft er huid achter rond de ogen of de staartpunt, neem dan contact op.

Hoe vaak mag ik hem oppakken?

Een paar keer per week een korte sessie is prima. Sla het over vlak na een maaltijd en tijdens een vervelling.