In Nederland leven drie soorten slangen in het wild: de ringslang, de adder en de gladde slang. Alleen de adder is giftig. Hier lees je hoe je ze herkent, waar ze leven, wat je doet bij een beet en wat je doet als je een slang vindt die hier niet thuishoort.
Bijgewerkt op door Marc, kweker bij Jazz Reptiles
Slang als huisdier? Lees eerst dit
| Soort | Lengte | Giftig | Herkenning |
|---|---|---|---|
| Ringslang | Meestal 70 tot 120 cm, de grootste | Nee | Gele of witte halvemaanvlekken achter de kop, ronde pupil |
| Adder | Meestal 50 tot 65 cm | Ja | Zigzagstreep over de rug, verticale spleetpupil |
| Gladde slang | Meestal 50 tot 60 cm, de kleinste | Nee | Twee rijen kleine vlekjes, donkere streep door het oog, ronde pupil |
De ringslang is de grootste en meest voorkomende slang van Nederland. Hij is grijsgroen tot olijfbruin en draagt achter zijn kop twee gele of witte halvemaanvormige vlekken, de ‘ring’ waar hij zijn naam aan dankt. Vrouwtjes worden groter dan mannetjes en kunnen boven de meter uitkomen.
Je vindt hem in waterrijke gebieden: moerassen, sloten, plassen en rietlanden, in onder andere Friesland, Utrecht, Noord- en Zuid-Holland en Gelderland. Hij zwemt uitstekend en eet vooral kikkers, padden en vis. Voor mensen is hij ongevaarlijk. Bij gevaar speelt hij dood of scheidt hij een sterk ruikende vloeistof af.
Ringslangen leggen hun eieren graag in broeiende hopen, zoals composthopen en mesthopen. Een ringslang in een tuin bij het water is dus gewoon een teken van een gezonde omgeving.
De adder herken je aan de donkere zigzagstreep over zijn rug en de verticale spleetpupil. Mannetjes zijn vaak grijs met een zwarte streep, vrouwtjes bruin met een donkerbruine streep; er komen ook volledig zwarte adders voor. Hij leeft op heide, in hoogveen en in bosranden, vooral in Drenthe, op de Veluwe, in Friesland en in Overijssel.
Een adder is schuw en vlucht bij trillingen van voetstappen. Beten komen weinig voor en gebeuren bijna altijd als iemand hem probeert op te pakken of er per ongeluk op stapt. Blijf op de paden, laat een adder met rust en houd honden aan de lijn in adderrijke gebieden.
Beweeg zo min mogelijk. Een adderbeet is voor een gezonde volwassene zelden levensbedreigend, maar vraagt altijd medische zorg.
Rond de beet kan zwelling ontstaan. Haal ringen, horloges en strakke kleding weg voordat dat gebeurt.
Bij benauwdheid, flauwvallen of een kind of oudere als slachtoffer bel je direct 112. Anders de huisarts of huisartsenpost.
Houd het gebeten lichaamsdeel stil en op hartshoogte en laat de wond verder zoals hij is. Uitzuigen, insnijden en afbinden helpen niet en maken het erger.
Honden worden vaker gebeten dan mensen, meestal in de snuit of poot. Bel de dierenarts meteen.
De gladde slang is de kleinste en zeldzaamste slang van Nederland. Hij is bruin tot grijs, met twee rijen kleine donkere vlekjes over de rug en een donkere streep die van het neusgat door het oog loopt. Zijn schubben zijn glad, vandaar de naam. Hij wordt vaak aangezien voor een adder, maar is ongiftig en heeft een ronde pupil.
Hij leeft verborgen op droge, zonnige heide en in open bossen, onder andere op de Veluwe, de Utrechtse Heuvelrug en in Drenthe. Hij eet vooral hagedissen en hazelwormen, die hij net als een python wurgt.
De drie Nederlandse slangen zijn wettelijk beschermd. Vangen, doden, verstoren of meenemen is verboden, ook op je eigen erf. De adder en de gladde slang staan bovendien op de Rode Lijst van bedreigde soorten.
Zie je een slang, geniet er dan op afstand van. Een waarneming kun je doorgeven via waarneming.nl; natuurorganisatie RAVON gebruikt die gegevens om de soorten te volgen.
Regelmatig verschijnt er nieuws over een koningspython of korenslang in een tuin, trappenhuis of berm. Dat zijn ontsnapte of achtergelaten huisdieren. Een koningspython is ongiftig en rustig; het dier zelf loopt in de Nederlandse kou het grootste risico. Meer over deze soort op is een koningspython gevaarlijk.
Vind je zo'n slang, bel dan 144 (Red een dier) of de lokale dierenambulance. Houd kinderen en huisdieren op afstand en zet eventueel een omgekeerde bak over het dier als het rustig ligt. Ben je zelf je slang kwijt, meld dat dan direct bij de dierenambulance en de politie, zodat een vinder je kan bereiken.
Drie soorten: de ringslang, de adder en de gladde slang.
Alleen de adder. De ringslang en de gladde slang zijn ongiftig.
Voor een gezonde volwassene zelden. Zoek altijd medische hulp, en bel 112 bij benauwdheid of bij een kind of oudere.
De ringslang. Vrouwtjes kunnen boven de meter uitkomen.
De gladde slang, meestal 50 tot 60 centimeter. Meer kleine slangen op kleine slangen.
Laat een wilde slang met rust. Een exotische slang meld je bij 144 of de dierenambulance.
Nee, alle Nederlandse slangen zijn beschermd. Wie een slang als huisdier wil, koopt een nagekweekt dier bij een kweker. Lees slang als huisdier.