Een koningspython is ongiftig, te klein om een volwassene iets te doen en van nature schuw. Hier lees je wat een beet echt voorstelt, hoe zijn tanden werken, hoe je bijten voorkomt en waar je op let met kinderen en andere huisdieren.
Bijgewerkt op door Marc, kweker bij Jazz Reptiles
Alles over de koningspythonDe koningspython (ball python) is voor een volwassen mens veilig. Hij heeft geen gif, hij is met 90 tot 150 centimeter te klein om een mens te wurgen en zijn natuurlijke reactie op gevaar is verdedigend: hij rolt zich op tot een strakke bal en stopt zijn kop in het midden. Daar dankt hij de naam ball python aan.
Het nieuws over gevonden koningspythons in tuinen en trappenhuizen laat dat ook zien. Het zijn bijna altijd ontsnapte of gedumpte huisdieren die zelf in de problemen zitten, door kou en honger. Voor de mensen die ze vinden zijn ze ongevaarlijk.
De koningspython is ongiftig. Hij hoort bij de pythons, en alle pythons zijn gifvrije wurgslangen. Hij doodt zijn prooi door wurging: hij grijpt een muis of rat, wikkelt zich eromheen en knijpt tot die niet meer ademt. Zijn speeksel is gifvrij.
Wie op zoek is naar de enige giftige slang die in Nederland in het wild voorkomt: dat is de adder. Meer daarover op slangen in Nederland.
Een beet van een jonge koningspython voel je nauwelijks. Een beet van een volwassen dier geeft een rij kleine prikjes of krasjes, vergelijkbaar met een kattenkrab. Het bloedt soms een beetje en is binnen een paar dagen genezen.
Na een beet laat een koningspython meestal direct weer los. Houdt hij vast, trek dan niet, want de naar achteren gebogen tandjes haken dan juist dieper. Houd het dier rustig vast of leg het terug in het terrarium; hij laat vanzelf los. Spoel het wondje met water en zeep en ontsmet het. Zo nodig, zoals bij elke huidwond, neem je contact op met de huisarts.
Verreweg de meest voorkomende reden. Je hand ruikt naar muis of komt in het terrarium op het moment dat hij eten verwacht. Was je handen voor het hanteren en voer met een lange pincet.
Laat hem na een voerbeurt twee dagen met rust. Oppakken met een volle maag geeft stress en soms braken.
Met doffe, blauwige ogen ziet hij slecht en is hij schrikachtig. Wacht met hanteren tot de vervelling klaar is. Zie slang vervellen.
Geef een nieuwe koningspython de eerste week rust om te wennen, zonder hanteren.
Een hand die van boven komt lijkt op een roofvogel. Pak hem rustig van opzij op en ondersteun zijn lijf.
Een S-vorm met de kop naar achteren en sissen betekent: laat me met rust. Respecteer dat en probeer het later opnieuw.
Een volwassen mens niet. Een koningspython wikkelt zich graag om een pols of arm om houvast te zoeken. Die greep is rustig los te maken door bij de staart te beginnen met afwikkelen.
Leg een slang nooit rond de hals van een kind of rond je eigen nek en laat jonge kinderen nooit alleen met een slang. Dat geldt voor elke slang, ook voor de rustigste koningspython.
Kinderen vanaf een jaar of acht kunnen onder toezicht prima met een koningspython omgaan: zittend, met twee handen en het lijf ondersteund. Leer ze dat een slang geen knuffel is en dat handen wassen voor en na het vasthouden vast onderdeel is.
Houd katten en honden uit de buurt van een open terrarium. Voor een kat of hond is een koningspython geen gevaar, andersom wel: een krab of beet van een huisdier kan een slang ernstig verwonden. Knaagdieren en vogels houd je sowieso buiten het bereik van de slang.
Nee. Hij is ongiftig, te klein om een volwassene te wurgen en van nature schuw.
Nee. Pythons zijn wurgslangen en hebben geen gif.
Een beet voelt als een kattenkrab: een rij kleine prikjes die binnen een paar dagen genezen.
Ongeveer honderd kleine, naar achteren gebogen tandjes, zonder giftanden.
Weinig. Bijna elke beet komt door voedselverwarring, en die voorkom je met schone handen en een voerpincet.
Ja, mits een volwassene verantwoordelijk is en kinderen alleen onder toezicht hanteren. Lees ook slang als huisdier.