Een volwassen koningspython wordt 90 tot 150 centimeter lang. Vrouwtjes worden duidelijk groter en zwaarder dan mannetjes. Hieronder zie je per leeftijd wat je mag verwachten, hoe je lengte en gewicht meet en wanneer een koningspython volgroeid is.
Bijgewerkt op door Marc, kweker bij Jazz Reptiles
Alles over de koningspythonEen koningspython (ball python, Python regius) is een van de kleinste pythons die als huisdier worden gehouden. Een volwassen mannetje meet meestal 90 tot 120 centimeter, een volwassen vrouwtje 120 tot 150 centimeter. Een dier boven de 180 centimeter is een uitzondering.
Opvallender dan de lengte is de dikte. Een koningspython is een stevige, gedrongen slang. Een volwassen vrouwtje van 1,4 meter kan ruim twee kilo wegen, terwijl een korenslang van dezelfde lengte een fractie daarvan weegt. Daardoor oogt een koningspython groter dan de meetlat zegt.
| Leeftijd | Lengte | Gewicht | Prooi |
|---|---|---|---|
| Net uit het ei | 25 tot 43 cm | 60 tot 100 gram | Nog geen, teert op dooier |
| 3 maanden | 40 tot 55 cm | 120 tot 250 gram | Kleine muis |
| 6 maanden | 50 tot 70 cm | 200 tot 450 gram | Muis of ratpup |
| 1 jaar | 60 tot 90 cm | 300 tot 700 gram | Kleine rat |
| 2 jaar | 80 tot 110 cm | 700 tot 1.300 gram | Middelgrote rat |
| 3 jaar | 90 tot 130 cm | 1 tot 1,8 kg | Middelgrote rat |
| Volwassen mannetje | 90 tot 120 cm | 1 tot 1,5 kg | Middelgrote rat |
| Volwassen vrouwtje | 120 tot 150 cm | 1,5 tot 2,5 kg | Grote rat |
Dit zijn richtwaarden uit de praktijk. Twee broertjes uit hetzelfde legsel kunnen na een jaar honderden grammen verschillen, afhankelijk van hoe vaak en hoe groot ze eten. Een groeicurve die rustig stijgt is belangrijker dan een getal op een bepaalde datum.
De grootste factor. Vrouwtjes groeien langer door en worden zwaarder, omdat ze reserves nodig hebben voor eieren.
Vaker en groter voeren geeft snellere groei, maar geen gezondere slang. Te snel groeien leidt tot overgewicht. Zie wat eten slangen.
Een slang verteert alleen goed op temperatuur. Warm 31 tot 33 °C, koel 26 tot 28 °C. Te koud betekent trage vertering en minder groei.
Een gestreste koningspython eet slechter. Goede schuilplaatsen aan beide kanten van het terrarium maken het verschil.
Sommige lijnen blijven van nature wat kleiner of worden juist wat groter. De ouderdieren zeggen daar veel over, vraag er dus naar bij de kweker.
De snelste groei zit in de eerste twee jaar. Daarna vlakt de groei af. Een mannetje is rond zijn derde jaar op zijn eindmaat, een vrouwtje groeit door tot haar vierde of vijfde jaar. Kleine lengtegroei gaat bij slangen een leven lang door, maar na die jaren merk je daar weinig meer van.
Geslachtsrijp is niet hetzelfde als volgroeid. Een mannetje kan al na zijn eerste jaar dekken, een vrouwtje is pas klaar voor een legsel vanaf ongeveer 1,5 kilo, meestal tussen tweeënhalf en drie jaar.
Gewicht is veel betrouwbaarder dan lengte. Zet een bak op een keukenweegschaal, zet hem op nul en leg de slang erin.
Weeg elke maand, steeds een paar dagen na het voeren. Dan vergelijk je steeds dezelfde situatie.
Laat de slang langs een touwtje kruipen, markeer kop en staartpunt en meet het touwtje. Trek nooit aan een slang om hem recht te leggen.
Fotografeer de slang naast een meetlint of in een bak met bekende maten en meet de lengte langs de ruggengraat op de foto.
Noteer gewicht, voerdatum, prooimaat en vervelling. Afwijkingen zie je zo meteen.
Een gezonde koningspython is rond tot licht driehoekig van doorsnede. Zie je de ruggengraat als een scherpe richel, dan is hij te mager. Zie je plooien of vetrollen bij het buigen, of lijkt de kop klein ten opzichte van het lijf, dan is hij te zwaar.
Overgewicht komt bij koningspythons vaker voor dan ondergewicht, vooral bij volwassen dieren die op het schema van een jong dier blijven eten. Verleng dan het interval tussen de voerbeurten in plaats van de prooi kleiner te maken.
Een jonge koningspython voelt zich veiliger in een kleinere bak, bijvoorbeeld 60 tot 80 centimeter breed, met strakke schuilplaatsen. Een volwassen dier heeft minimaal 120 x 60 x 60 centimeter nodig. Alles over maten, warmte en inrichting staat op onze pagina over het koningspython terrarium.
Vergeleken met andere slangen blijft de koningspython compact. Zoek je een soort die nog kleiner blijft, kijk dan bij kleine slangen als huisdier.
Mannetjes 90 tot 120 centimeter, vrouwtjes 120 tot 150 centimeter. Boven de 180 centimeter is zeldzaam.
Een volwassen mannetje weegt meestal 1 tot 1,5 kilo, een volwassen vrouwtje 1,5 tot 2,5 kilo.
De snelste groei zit in de eerste twee jaar. Na een jaar is een jong dier vaak drie tot zeven keer zo zwaar als bij de geboorte.
Mannetjes zijn rond hun derde jaar op eindmaat, vrouwtjes rond hun vierde tot vijfde jaar.
Net uit het ei 25 tot 43 centimeter en 60 tot 100 gram.
Nee, het is dezelfde soort. Ball python is de Engelse naam van de koningspython.