Een volwassen korenslang woont het best in een terrarium vanaf 120 x 60 x 60 cm, met een warme kant van 28 tot 30 °C en een koele kant van 22 tot 24 °C. Hier lees je welke maat past bij welke leeftijd, hoe je verwarmt en inricht, en wat er op je boodschappenlijst staat.
Bijgewerkt op door Marc, kweker bij Jazz Reptiles
Bekijk de korenslangen die nu klaarstaan
| Leeftijd | Lengte slang | Terrarium (l x d x h) |
|---|---|---|
| Jong dier (eerste jaar) | 25 tot 60 cm | Ongeveer 60 x 40 x 40 cm |
| Opgroeiend (1 tot 2 jaar) | 60 tot 110 cm | Ongeveer 80 tot 100 x 50 x 50 cm |
| Volwassen | 120 tot 150 cm | Vanaf 120 x 60 x 60 cm |
Een jonge korenslang voelt zich veilig in een overzichtelijke ruimte. Hij vindt zijn schuilplaatsen, zijn water en zijn prooi makkelijk terug en eet daardoor beter. Daarom start een jong dier in een bak van ongeveer 60 x 40 x 40 cm en verhuist hij mee met zijn groei.
Wil je direct het eindformaat neerzetten, richt het grote terrarium dan extra vol in: meerdere schuilplaatsen, takken en kunstplanten. Zo blijft er overal dekking en voelt ook een jong dier zich thuis.
Hang de warmtebron aan een kant van het terrarium, met een beschermkorf eromheen. Zo ontstaat een warme en een koele kant en kiest de slang zelf zijn temperatuur.
Een warmtemat onder een derde van de bodem geeft buikwarmte, wat de spijsvertering helpt. Ook een mat gaat aan een thermostaat.
Een thermostaat houdt de temperatuur constant en beschermt je slang tegen oververhitting. Een digitale thermo-hygrometer op de bodem laat je elke dag zien hoe het klimaat staat.
Een aan de warme kant en een aan de koele kant. Zo heeft de slang altijd veiligheid en de juiste temperatuur tegelijk.
Een korenslang klimt verrassend goed. Stevige takken op verschillende hoogtes worden echt gebruikt en maken de hoogte van het terrarium waardevol.
Beukensnippers of aspen in een laag van een paar centimeter. Korenslangen graven graag en verstoppen zich onder de bodem.
Een zware, stabiele bak met dagelijks vers water. Aan de koele kant blijft het water langer schoon.
Een bakje met vochtig mos helpt tijdens de vervelling. Meer daarover op slang vervellen.
Kunstplanten en kurk geven extra plekken om te schuilen. Een slang die zich veilig voelt, laat zich vaker zien.
Korenslangen zijn echte ontsnappingskunstenaars. Kies een terrarium met goed sluitende schuiframen of deuren met een slot, en kijk na het voeren en schoonmaken altijd of alles dicht zit. Ventilatieroosters horen fijnmazig en stevig vast te zitten.
Een glazen terrarium met deuren aan de voorkant werkt het prettigst: je opent het zonder van boven te komen, en dat vindt een slang rustiger.
Een jong dier start in ongeveer 60 x 40 x 40 cm, een volwassen dier woont in minimaal 120 x 60 x 60 cm.
Warmtelamp of warmtemat met thermostaat, zodat je een warme en een koele kant krijgt.
Bodem om in te graven, twee schuilplaatsen, takken, een waterbak en een vochtige schuilplaats.
Zet alles minimaal een week van tevoren aan en meet dagelijks op de bodem tot de waarden stabiel zijn.
Geef hem de eerste week rust. Daarna voer je op het schema dat hij gewend is. Zie korenslang verzorging.
Voor een volwassen korenslang vanaf 120 x 60 x 60 cm. Een jong dier start in een kleinere bak van ongeveer 60 x 40 x 40 cm.
Overdag 28 tot 30 °C aan de warme kant en 22 tot 24 °C aan de koele kant. 's Nachts mag het zakken richting 20 °C.
40 tot 60 procent, tijdens de vervelling tijdelijk wat hoger met een vochtige schuilplaats.
Een vast dag- en nachtritme van ongeveer 12 uur is de basis. Een zwakke UVB-lamp kan daarbij, mits er genoeg schaduw en schuilplaatsen zijn.
Beukensnippers of aspen. Daar kan hij goed in graven en het blijft droog.
Ja, hij klimt graag. Zorg voor voldoende bodemoppervlak en zet stevige takken neer, dan gebruikt hij de hoogte ook echt.